Ongeveer tien jaar geleden begon de promotie van 5G. Eén van de belangrijke drijfveren voor deze nieuwe technologie was de mogelijkheid om bepaalde verkeerstromen voorrang te geven. Hiermee zouden operaties op afstand kunnen worden uitgevoerd, bedrijven nieuwe mobiele functies krijgen en operators veel geld gaan verdienen. Maar wat is de status nu en wat is de verwachting voor de komende tijd?
Prioriteit in netwerken is niet nieuw. Bijna al onze telefonie gaat niet meer via traditionele netwerken maar via IP. De enige manier om dat goed te laten werken, is door Quality of Service (QoS) mee te geven aan de IP-pakketten die spraak bevatten, zodat die met voorrang door het netwerk gaan en het gesprek niet hakkelt. Natuurlijk kan een gesprek nog steeds niet soepel verlopen, maar dat heeft dan geen technische oorzaak. In 4G was QoS ook al mogelijk, al moest dit meestal handmatig worden geprogrammeerd voor bepaalde simkaarten en voor specifieke zendmasten. Vodafone heeft dit bijvoorbeeld vaker gebruikt voor de AV-beurs IBC in de RAI Amsterdam, waarbij rond 2017 dankzij prioriteit in het 4G-netwerk live videostreaming van mobiele reporters werd toegepast. In 2020 is dit met 5G-slicing ook gedemonstreerd, met verbindingen vanuit een boot en een drone naar de RAI (zie foto). Onderbreking van de datastroom is direct zichtbaar bij live streams; slicing kan dan zorgen voor een betrouwbare verbinding. Prioriteitsdiensten worden al een paar jaar door alle mobiele operators aangeboden, al is dit meestal nog op basis van 4G.
Hoe werkt het
In 5G-netwerken wordt voorrang op dataverkeer geregeld via de parameter 5QI, oftewel 5G QoS Identifier. Vergelijkbaar met de QCI in 4G bepaalt deze waarde hoe belangrijk een datapakket is. Vooral voor hulpdiensten en andere missiekritische toepassingen is dat essentieel.
Zodra een gebruiker toegang krijgt tot een bepaalde slice – een afgescheiden deel van het netwerk – behandelt het netwerk dataverkeer binnen die slice met prioriteit. Door de 5QI mee te geven, herkent het netwerk welk verkeer voorrang moet krijgen. Is het netwerk niet druk, dan is die voorrang niet nodig. Maar bij drukte worden andere gebruikers tijdelijk opzijgezet.
Een goede vergelijking is een snelweg met verkeerslichten bij de invoegstrook. Normaal regelt zo’n licht het verkeer om files te voorkomen: bij groen één auto. In het geval van 5G werkt het omgekeerd. Als een prioritair datapakket wil invoegen, springt het licht op de snelweg op rood. Al het overige verkeer wacht even tot het voorrangspakket voorbij is – net zoals we ruimte maken voor een ambulance met zwaailichten.
5G-slicing draait dus om meer dan snelheid alleen: het gaat om betrouwbaarheid, voorspelbaarheid en prioritering. Andere technieken ondersteunen dit, maar de kern blijft dat cruciale toepassingen altijd voorrang krijgen op het netwerk.
Netneutraliteit
Een van de uitdagingen is de Europese wet op netneutraliteit. Daarin wordt bepaald dat alle datastromen naar het internet gelijke rechten hebben. Het is mobiele operators niet toegestaan om WhatsApp voorrang te geven boven Netflix, of andersom. De Europese samenwerking van nationale toezichthouders (BEREC) heeft een richtlijn gepubliceerd waarin zij hun zienswijze op 5G-slicing beschrijven. Zij zien mogelijkheden voor slicing, bijvoorbeeld voor hulpverleners die met de meldkamer communiceren zonder gebruik te maken van het internet. Wel blijft het belangrijk dat algemene internetverbindingen niet verslechteren, zodat andere gebruikers geen mindere snelheid ervaren. Dat kan met name aan de randen van een cel een issue zijn.
Datasnelheid en celbereik
Mobiele netwerken zijn gebaseerd op zenders met elk een bepaald bereik. Langs snelwegen en spoorlijnen staan op regelmatige afstand zendmasten waarop antennes zijn gemonteerd. Elke paar kilometer maakt je smartphone verbinding met een volgende mast. Dicht bij de mast is met 5G een hoge datasnelheid beschikbaar, soms tot 1 Gbit/s. Op grotere afstand van de mast is het radiosignaal zwakker en neemt de datasnelheid flink af. Aan de randen van de cel blijft soms slechts 20 Mbit/s over (zie afbeelding).
Als er voor hulpdiensten bijvoorbeeld 10 Mbit/s gegarandeerde bandbreedte beschikbaar moet zijn, is dat in stedelijk gebied en dicht bij de zendmast zelden een probleem. Aan de randen van de cel heeft het toewijzen van 10 Mbit/s echter een aanzienlijke impact op andere gebruikers. Tegelijkertijd vinden grote acties van hulpdiensten juist vaak plaats op locaties met beperkte dekking, zoals bij de miljoenenroof die na een wilde achtervolging eindigde in een weiland bij Broek in Waterland in mei 2021. Mobiele operators vinden het daarom moeilijk om 5G-slices met gegarandeerde bandbreedte aan te bieden, tenzij het gaat om een afgebakend terrein zoals een bedrijfscampus, of om zeer beperkte bandbreedte van bijvoorbeeld 40 tot 50 kbit/s.
De 5 negens
Organisaties hebben behoefte aan zekerheid: in beschikbaarheid, dekking en datasnelheid. Idealiter leggen zij dit vast in contracten met garanties, zodat de operatie zo min mogelijk wordt verstoord. Een bekende term is “vijf negens”: 99,999 procent beschikbaarheid, wat neerkomt op maximaal ongeveer vier minuten ongeplande verstoring per jaar.
Mobiele verbindingen zijn echter afhankelijk van radioverbindingen en een complex samenspel van transmissie, datacenters, applicatieservers, firewalls en gateways. Ondanks voortdurende optimalisatie is het in de praktijk nog niet gelukt om zulke complexe netwerken foutloos te exploiteren. Daarom willen, kunnen of durven mobiele operators hierop geen garanties te geven. Dat geldt niet alleen voor beschikbaarheid, maar ook voor dekking.
In Nederland leveren operators circa 98 procent geografische dekking per gemeente. Dit geldt niet voor Natura 2000-gebieden en andere natuurgebieden waar geen zendmasten mogen worden geplaatst. Daarnaast verandert de omgeving continu door nieuwbouw en hoogbouw, waardoor netwerken steeds moeten worden aangepast. Garanties op dekking of beschikbaarheid worden daarom voorlopig nog niet aangeboden.
Waarom nog niet grootschalig?
Alle mobiele operators in Nederland bieden 4G- en 5G-slicingdiensten aan, maar deze zijn meestal beperkt in bandbreedte en/of geografisch bereik. Voor echte 5G-slicing moet 5G Stand Alone (SA) volledig zijn geïmplementeerd, iets wat wereldwijd veel meer tijd heeft gekost dan verwacht. Wetgeving, technische beperkingen en risicoafwegingen zorgen ervoor dat slicing nog lang niet op de schaal beschikbaar is die ooit werd voorspeld.
Daarnaast zijn veel apps hier nog niet op ingericht en moeten toestellen beschikken over de nieuwste versies van iOS of Android. Ook op netwerkvlak is nog veel werk nodig om end-to-end QoS te realiseren: prioriteit in het radionetwerk alleen is niet voldoende als dit niet doorloopt tot aan de applicatieserver in een extern datacenter. Kortom, er zijn veel randvoorwaarden én een flinke dosis lef nodig om slices met gegarandeerde bandbreedte commercieel aan te bieden.
Tot slot
Internationaal komen inmiddels steeds meer use cases beschikbaar. In het Ericsson Mobility Report van november 2025 wordt gesproken over 65 commerciële 5G-slicingdiensten wereldwijd. In december maakte Nokia bekend dat operator du in de Verenigde Arabische Emiraten een autonome 5G-slicingdienst heeft gelanceerd die continu de kwaliteit van slices bewaakt en het radionetwerk dynamisch bijstuurt. De interesse groeit snel. Misschien wordt 2026 alsnog het jaar van 5G-slicing.


